Onderwijs

De opleiding tot Bachelor in de Oost-Europese Talen en Culturen wordt georganiseerd binnen de faculteit Letteren en Wijsbegeerte en neemt drie jaar in beslag. Na het behalen van dit diploma heb je rechtstreekse toegang tot de Master Oost-Europese Talen en Culturen. De masterstudie duurt één jaar.

De opleiding Oost-Europese Talen en Culturen is een combinatie van een taal- en een cultuurstudie. Eerst en vooral leer je minstens twee Oost-Europese talen. In het eerste jaar begin je met Russisch en vanaf het tweede semester komt daar een Zuid-Slavische taal (Bulgaars of Bosnisch-Kroatisch-Servisch) bij. Later kan je nog een derde Zuid-Slavische taal opnemen. Deze talen zijn meteen ook de sleutels tot de Oost-Europese culturen waarvan je de literatuur, de (cultuur)geschiedenis en de maatschappij bestudeert.

De opleiding steunt op drie pijlers, waarin telkens taal en cultuur(geschiedenis) centraal staan: (i) taal en cultuur(geschiedenis) van Rusland – (ii) taal en cultuur(geschiedenis) van Zuidoost-Europa – (iii) ‘klassieke’ taal (Oudslavisch m.i.v. historische taalkunde) en cultuur(geschiedenis) van de Slavische middeleeuwen. Op dit moment is de UGent de enige plek in West-Europa waar een ruim aanbod Oudslavisch (de ‘klassieke’ taal van Oost-Europa) in het programma voorzien is én een van de weinige plaatsen in de Westerse wereld waar Zuidoost-Europa zoveel aandacht krijgt.

Vanaf het tweede bachelorjaar kies je een minor. Een minor is een coherente groep van vakken uit een andere discipline, die je de kans geeft om een blik te werpen over de muren van je studiegebied en die als verbreding van de eigen opleiding kan beschouwd worden. Ook kan je ervoor kiezen een verdiepende minor te volgen, waarin je je verder verdiept in het cultuurgebied Zuidoost-Europa. De minors van de opleiding Oost-Europese talen en culturen zijn:
- Economie en bedrijfskunde
- Taalkunde
- Letterkunde
- Politieke en sociale wetenschappen
- Talen en culturen van Zuidoost-Europa: een taal te kiezen uit: Bulgaars, Bosnisch-Kroatisch-Servisch, Sloveens, Nieuwgrieks, Turks.

Je hebt geen speciale voorkennis nodig. Een bijzondere interesse voor talen is wel noodzakelijk, aangezien je talen (be)studeert die qua structuur en woordenschat sterk verschillen van de West-Europese talen. Verder heb je een grote interesse voor literatuur, cultuur en geschiedenis en kun je je enthousiast inleven in de wereld van andere culturen. De belangrijkste voorwaarde om te slagen is ongetwijfeld motivatie en een brede belangstelling, niet alleen voor taal en cultuur in het algemeen, maar ook voor cultuurgebieden die fundamenteel verschillen van de onze. Een absolute vereiste is ook de bereidheid om je enthousiast in de uitgangspunten en uitingen van die culturen in te leven. Dat kan ook buiten de lessen, bijvoorbeeld via de lezingen en andere activiteiten die de opleiding organiseert. De opleiding biedt je niet alleen het reguliere lessenpakket aan, maar ook heel wat extracurriculaire activiteiten, van films over lezingen tot cultuurreizen, en regelmatige berichtgeving over het culturele, sociale en politieke leven in Oost-Europa (via twitter en facebook). 

Benieuwd waar onze alumni terecht komen? Kijk hier voor informatie en getuigenissen.